Veldslag in Delft

afbeelding van Pegasus

Tegen de kampioenskandidaat uit Delft mochten we op voorhand niet te veel hoop koesteren. Desondanks gingen we veelbelovend van start. Gert-Jan en ikzelf wisten twee witspelers te neutraliseren terwijl er gefluisterd werd dat Koos materiaal ging winnen. De stelling van Jaimy daarentegen zag er dubieus uit. Nog voordat ik een kans had om zelf te kijken stond er 2-2 op het wedstrijdformulier. Verrassend genoeg had Jaimy voor een vol punt gezorgd toen zijn tegenstander de strijd in stijl wilde beslissen. Koos was helaas de boot in gegaan toen hij een sterkere zet zag dan materiaal winnen.

Het was pas half tien en Ben (met wit spelend) voelde dat dit het moment was om ook remise aan te bieden. Doch na een kwartiertje de andere drie borden bestudeerd te hebben werd het aanbod geweigerd. “Staan we zo goed?”, dacht ik nog. Misschien dacht Ben dit ook en besloot tot een offensief, waarbij hij de mogelijkheid om de dame te geven voor twee torens onderschatte. Daar hoefde zijn tegenstander geen kwartier over te denken. De remisemarge werd erg smal en de zwarte stelling speelde veel makkelijker. Het duurde nog lang, maar 3-2 was niet te vermijden.

Evert bereikte in het middenspel een optisch voordeel, maar meer dan dat was het niet. In een poging het vermeende voordeel uit te buiten bracht hij zichzelf in de problemen en verloor geruisloos.

Op de twee topborden werden Aleksander en Twan langzaam weggedrukt. Aleksander verloor een pion, toen nog één en daarmee de partij. Twan had problemen met een open e-lijn en een actief paard. Het koste hem veel tijd. Hij wist nog een offensiefje met een dreigende vrijpion te creëren, maar zijn tegenstander was nauwelijks onder de indruk en prikte het ballonnetje simpel stuk.

Op de 6-2 was niets af te dingen en DSC werd aan het eind van de avond nog eens extra beloond met het nieuws dat concurrent Schaakhuis in het Westland onderuit was gegaan.

DSC 4 (1956)                          SHTV 2 (1833)                         6-2
Hans Stam (2072)                      Twan van der Togt (1905)              1-0
Jaap Flohil (2050)                    Aleksander Henke (1941)               1-0
Hora Vlam (2060)                      Jaimy Luk (1851)                      0-1
Kees van der Meer (1951)              Koos Roeleveld (1824)                 1-0
Evert van der Hooven (1919)           Evert Baak (1865)                     1-0
Pieter Goossens (1909)                Gert-Jan Willighagen (1775)           ½-½
Willem Jan van den Broek (1844)       Ben Spierings (1739)                  1-0
Henrik Tamerus (1839)                 Karl Baak (1766)                      ½-½